Katori Shinto Ryu Geschiedenis

Tenshin Shoden Katori Shinto Ryu is één van de oudste gesystematiseerde vechtsystemen van de samurai. Het zwaard wordt daarin beschouwd als het belangrijkste wapen van de samoerai. Het wordt gebruikt naast de bo (stok), naginata (hellebaard ) en yari (speer). Katori Shinto Ryu is geen wedstrijdsport: de zwaardslagen zijn gericht zijn op de kwetsbare delen van het lichaam: daar waar slagaders lopen. Er wordt er geoefend in vaste voorgeschreven vormen (kata). Omdat elke (rake) slag in principe het einde van een gevecht betekent, is de afstand tussen de vechter vergroot en slaat met op het zwaard van de tegenstander in plaats van op het lichaam.

Het curriculum van Katori Shinto Ryu wordt beschreven in de Mokuroku Heiho no Shinsho en omvat technieken van het hanteren van wapens, de techniek en de timing van de aanval en de verdediging hierop bij het gebruik van dezelfde of andere wapens. Bij het tachi jutsu wordt het zwaardvechten (zwaard tegen zwaard) beoefend, bij het bo jutsu het gevecht tussen zwaard en lange stok, bij naginata jutsu staat de ‘hellebaard’ centraal.

Voor de gevorderden staan het vechten met twee zwaarden (ryoto) op de rol: gelijktijdig strijden met een lang en een kort zwaard. Ook komen dan het gevecht met een kort zwaard (kodachi) en de hogere technieken van het zwaard (gokyo) aan de orde. De kata’s, zoals hierboven genoemd, worden uitgevoerd door twee personen: uke (de gevorderde) en tori (de minder gevorderde). De rolverdeling tussen uke en tori wordt wel omschreven als die van leraar en leerling. Een andere omschrijving is die van luisteraar (uke) en prater (tori), waarbij luisteren als veel moeilijker wordt beschouwd dan praten.

Als beginner start je altijd in de rol van tori. Aparte aandacht wordt besteed aan het iai jutsu: het trekken van het zwaard en toeslaan. Hierbij wordt meestal met een echt zwaard (katana) gewerkt. Traditioneel wordt bij deze kata’s een denkbeeldige tegenstander verondersteld: de iai-kata’s zijn dus solo-oefeningen. Alle bewegingen en houdingen dienen hierbij met de grootste precisie te worden uitgevoerd omdat hier met een echt wapen wordt gewerkt.

De les begint met de traditionele groetceremonie. Daarna volgt het apart oefenen van de houdingen en standen zoals die in de kata’s voorkomen. Het accent ligt hierbij op het perfect uitvoeren van alle houdingen. In het algemeen gaan we dan verder met de kata’s van zwaard tegen zwaard. Daarna bo jutsu en naginata jutsu. Voor de gevorderden worden daarna de ‘hogere’ kata’s behandeld. Het laatste half uur van de training is ingeruimd voor zelfstudie/ vrije training.

Ed Krijgsman

Comments are closed.